Homohaat in Afrika lijkt te danken aan de kolonisatie

Op 24 februari dit jaar tekende de president van Oeganda, Yoseweri Museveni, de antihomowet. Volgens deze wet is het hebben van homoseksuele relaties verboden en kan worden bestraft met een gevangenisstraf van 7 jaar tot levenslang. Homoseksualiteit is in 37 Afrikaanse landen illegaal en in 4 landen staat op homoseksualiteit de doodstraf. Maar waar komt deze haat naar lesbiennes, homoseksuelen, bisexuelen en transgenders vandaan?

Er zijn in Afrika veel gevallen van mishandeling en moord op LGBT (engelse afkorting voor Lesbian, Gay, Bisexual en Transgender) activisten. In Zuid-Afrika werd in 2006 LGBT activiste Noxolo Nogwaza verkracht, gestenigd en doodgestoken door een groep mannen om haar seksuele voorkeur te corrigeren. Het willen “genezen” en straffen van seksuele voorkeur door middel van verkrachting wordt corrective rape genoemd en is in Afrika aan de orde van de dag. Een rapport van ActionAid, een organisatie die opkomt voor de rechten van de vrouw, toont aan dat elke 26 seconden een vrouw in Zuid-Afrika wordt verkracht. Volgens ActionAid komen deze verkrachtingen voort uit een macho cultuur, waarin mannen zich bedreigd voelen door lesbische vrouwen. In 2000 is de Equality Act ingevoerd, een wet tegen discrimineren, waar onder anderen het discrimineren op basis van seksuele voorkeur onder valt. Ondanks deze wet worden aangiften van mannen en vrouwen die onder deze voorwaarden zijn gediscrimineerd in de doofpot gestopt. Ook wordt er vaak geen aangifte gedaan, omdat slachtoffers bang zijn niet serieus genomen te worden.

Volgens Museveni is homoseksualiteit “onnatuurlijk”. Homoseksualiteit zou volgens hem door de Europeanen tijdens de kolonisatie naar Afrika zijn gebracht en niet passen bij de Afrikaanse identiteit. Historisch bewijs spreekt dit echter tegen: voor de kolonisatie was homoseksualiteit in de Afrikaanse culturen de normaalste zaak van de wereld. Homohuwelijken werden bijvoorbeeld in verschillende stammen geaccepteerd, zoals bij de Bahima’s, de Banyoro’s en de Baganda’s in Uganda. Bij de vrouwen uit Lesotho was het hebben van een seksuele relatie met een vrouw normaal, omdat dit slechts werd gezien als elkaar liefhebben en het huwelijk met de man niet zou bedreigen. In Zimbabwe kreeg seksualiteit een spirituele betekenis en zouden homoseksuelen niet gestoord mogen worden, omdat ze zo terug zouden kunnen keren als een ngozi, een kwaadaardige geest. Een ander voorbeeld is koning van Rwanda Yuhi V Musinga, die in 1931 is afgezet door de Belgische kolonie, omdat hij relaties met mannen en vrouwen zou hebben en zich niet wilde aansluiten bij de Katholieke kerk. Nu komen we aan op het punt waar de oorsprong van de homohaat in Afrika duidelijk wordt: de Europese kolonisatie in de 19e eeuw die het Katholieke geloof met zich meebracht en homoseksualiteit afkeurde, waardoor langzaam een homofobie in Afrika ontstond die tot op de dag van vandaag nog steeds aanwezig is.

In de 15e eeuw kwamen de eerste Europeanen in Afrika. Dit waren de Portugezen. Zij brachten het Rooms-Katholieke geloof met zich mee, waarin homoseksualiteit op basis van de bijbel als zonde werd beschouwd die bestraft moest worden. De verdeling van Afrika begon in de 19e eeuw, de zogeheten Kolonisatie, na het afschaffen van de slavernij. Engeland, Duitsland, België en Nederland (allemaal aanhangers van het Katholieke geloof) wilden allemaal een stuk Afrika bezitten, waar ze buit maakten van de vele grondstoffen — met name goud en diamanten — en het gebruik van Afrika als afzetgebied. Afrikaanse mannen werden uit hun stammen weggerukt om te werken in mijnen. Omdat de mannen gedurende een lange periode zonder vrouw zaten, ontstond er een nieuwe hiërarchie: jonge jongens, ook wel mine-wifes genoemd, gingen een relatie aan met oudere mannen die veel invloed hadden in de mijnen. Dit werden mine-marriages genoemd, ook wel Hlobogo, wat Zulu is voor man-man relatie. Naast seksuele handelingen, verrichtten de jongens ook huishoudelijke klussen, zoals in een traditioneel Afrikaanse verhouding. In ruil daarvoor kregen de jongens geld, kleding en goederen. Dit was echter tegen het Katholieke geloof van de kolonisten, maar werd door de vingers gezien, omdat het de mannen rustig zou houden.

Veel problemen in Afrika, zoals armoede en ziektes, worden afgeschreven op de homoseksualiteit. Museveni sprak in zijn speech op 24 februari 2014, voor het tekenen van de antihomowet, over de problematiek in Uganda die veroorzaakt wordt door de homoseksualiteit. Aids en Hepatitis E zijn twee ziektes die veel voorkomen in Afrikaanse landen en kunnen worden overgedragen door onveilige geslachtsgemeenschap en drugsgebruik. Wegens armoede en gebrek aan voorlichtingen is het gebruik van voorbehoedsmiddelen niet een pré en is de kans groter dat aids zich verspreid. Door de armoede Afrika bieden mannen hun lichaam aan om geld te verdienen en maken zo meer kans op aids. Het is een vicieuze cirkel. Museveni wil deze problematiek aanpakken door het strafbaar maken van homoseksuele uitingen. Maar is het niet veel slimmer om het probleem van aids bij zijn oorsprong aan te pakken, zoals het geven van voorlichtingen en het betaalbaar maken van voorbehoedsmiddelen? In 2016 zijn de presidentsverkiezingen. Critici menen dat Museveni veel kans maakt herkozen te worden door het doorvoeren van de antihomowet.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s